Master bridge op scholengemeenschap Melanchton Schiebroek groot succes

‘Als je ergens wereldkampioen in wil worden, kan je het beste gaan bridgen’

‘Zo, wat goed zeg van je, dat je de gespeelde troeven hebt geteld. En ook heel slim dat je niet gelijk al je troeven op tafel hebt gelegd.’ Thijs uit havo 3 glundert van trots als hij de complimenten van bridgedocent Jacqueline in ontvangst neemt. ‘Ja, het ging inderdaad wel lekker’, beaamt Thijs. Achttien onderbouwleerlingen, een bridgedocent en vijf begeleiders komen elke woensdagmiddag bij elkaar van 15:00 uur tot 17:00 uur in lokaal 404. Er worden teams gevormd, de Noord Oost Zuid West-boekjes liggen klaar op tafel en de master bridge kan beginnen.

Initiatiefneemster Simone Verlage (red: voormalig lid van Doublet en nu lid jeugdcommissie bridge NBB) is docent wiskunde en afdelingshoofd havo-vwo-onderbouw. Verlage: ‘Zelf bridge ik vanaf mijn dertiende, zo’n beetje de leeftijd van deze leerlingen. Dat deed ik samen met mijn broer en mijn ouders. Ook zat ik op een clubje met andere kinderen en we speelden redelijk fanatiek. Dat fanatisme zie en ik hoor ook bij deze leerlingen. Mooi om te zien.’ Een van die leerlingen is Thijs uit havo 3. Thijs: ‘Wat ik echt leuk vind aan bridgen is dat je steeds weer met andere mensen speelt. Dat zorgt voor afwisseling en het is erg gezellig. Daarnaast is het leuk om punten te pakken, want het is ook een sport. Perfecte combinatie.’ Nathan zit ook in havo 3, en speelt eveneens met veel plezier het spelletje. Nathan: ‘Ja, klopt, ik heb me ook opgegeven voor deze master. Het leek me interessant. Ik kende dit spel nog niet en ik houd ervan om grenzen te verleggen. Dus heb ik gekozen voor bridge. O jee, dat klinkt best wel een beetje filosofisch…’

Behoefte aan gezelligheid

De leerlingen krijgen bridgeles van Jacqueline de Vos Burchart, die bridget bij One Down Delft en De Gaech. De Vos Burchart: ‘Goed dat deze master wordt gegeven op een middelbare school. Jammer dat ik zelf niet in mijn jeugd ben begonnen met bridgen, want ik had graag met de wereldtop willen spelen. Zoveel getalenteerde jeugdspelers zijn er niet in Nederland, dus als je ergens wereldkampioen in wilt worden, dan moet je jong gaan bridgen. Ik geniet enorm van de leergierigheid en het plezier van deze leerlingen, ze pakken de lesstof snel op. Ik geef ook les aan een groep leerlingen van groep 8, maar ook bij deze leerlingen van de tweede en derde klassen zie ik het enthousiasme. Moet je ze eens horen praten over het spel… Ik denk dat leerlingen tegenwoordig weer behoefte hebben aan een bordspel. Dat is sociaal en gezellig. Misschien gaan deze leerlingen wel met elkaar spelen in de pauze. En met bridge ontwikkel je jezelf: beslissingen durven nemen, samenwerken, verlies incasseren, creatief en logisch nadenken, tellen, en ga zo maar door… Als ze willen, kunnen ze in mei meedoen met het Nederlands Kampioenschap, dat gehouden wordt in het Denksportcentrum Den Hommel in Utrecht. Nathan: ‘Ik hoef niet zo nodig wereldkampioen bridge te worden, maar ik vind het wel leuk om het hier op school te spelen en als deze master volgende keer weer wordt aangeboden, doe ik misschien wel weer mee. Lid worden van een club hoeft ook nog niet, maar misschien kan ik het spel af en toe met vrienden spelen. Dat lijkt me wel gezellig, zoals ik het nu ook leuk vind om met Thijs te spelen. Thijs: ‘Of ik doorga met bridgen? En wereldkampioen wil worden? Dat weet ik nog niet. Ik ga het spel wel thuis uitleggen en dan kunnen we thuis doorgaan met het spelen van bridge. Het lijkt me leuk om nog meer verschillende strategieën te ontdekken. En uit te proberen natuurlijk!’

Imagoprobleem

‘Bridgen heeft nog steeds last van het imago dat het alleen door bejaarden wordt gespeeld’, vertelt Verlage. ‘Zonde, want bridgen is echt een leuk en uitdagend spelletje. Ik ben lid van de jeugdcommissie van de Bridgebond en we geven trainingen aan jongeren van 10 tot 17 jaar en we organiseren elk jaar een bridgekamp. Reuzegezellig! Bridge is in het begin best lastig om te leren, dus beginnen we altijd met een toegankelijke variant van het spel. Als ze het dan nog steeds leuk vinden, kunnen ze daarna verder.’ Thijs: ‘Deze manier van bridge pik je snel op. De strategieën zijn niet al te moeilijk. En ik let altijd heel goed op wat de begeleiders neerleggen, want daar leer je veel van.’ Verlage: ‘De tafelbegeleiders die hier vanmiddag aanwezig zijn, spelen allemaal bij bridgeclub Never Done, waar ik zelf ook speel. En ze vinden het geweldig om hier met onze leerlingen te spelen.’ Nathan: ‘Het is fijn dat er oudere mensen bij zijn die allemaal goed kunnen bridgen. Ze letten goed op het spel, ze geven tips en als iemand het echt niet zo goed kan, dan helpen ze ook een beetje. Ze houden, figuurlijk dan, je hand vast als het nodig is.’

De tijd vliegt…

‘Wat bridgen extra leuk maakt’, vervolgt Verlage op enthousiaste toon, ‘is dat je ook moet bieden en dat je met een partner speelt. Ik heb twintig jaar met dezelfde partner gespeeld, dan krijg je een hechte band. Nee, ik ben niet met hem getrouwd, maar ik heb wel mijn partner ontmoet op de bridgeclub. Je kan trouwens beter niet samenspelen met je levenspartner: ik heb menig huwelijk zien stranden op de club. Nathan: ‘Of ik het spel bridge aanraad aan medeleerlingen? Ja, op zich wel. Er zitten interessante stukken in en als je het leuk vindt om samen te spelen, dan is bridge een prima spel. Thijs: ‘Ik houd echt van spelletjes, en zeker ook van kaartspelletjes. Tijdens de vakantie spelen we vaak het kaartspelletje pesten met het gezin, heel gezellig. Die gezelligheid hebben we hier ook

Het lijkt lang, twee uur, maar dat is niet zo. Je speelt vijf, zes spelletjes, steeds met andere mensen, en de tijd vliegt voorbij. Het is een leuke master!’

Foto: Simone Verlage

Meer nieuws

Home

Clubs & uidagingen

Zaalhuur

Cursussen

Over ons

Contact